dinsdag 1 november 2011

Markus Lüpertz, Gemeentemuseum Den Haag

Echt nog nooit had ik van de man gehoord, deze Markus Lupertz. Maar de FD Persoonlijk (de zaterdag bijlage bij het Financieel Dagblad) kreeg het weer voor elkaar (net als 2 jaar geleden, toen ik besloot een boek van de mij onbekende Paul Auster te gaan lezen na een hele goede recensie in de FD Persoonlijk): ik besloot dat ik de tentoonstelling van Lupertz moest gaan zien, die tot 2 oktober in het Gemeentemuseum in Den Haag zou zijn. Waarom dan? Omdat de foto's van de werken van Lupertz bij het artikel 'me aanspraken'. Specifiek dan bijvoorbeeld de zeer kleurrijke afbeelding die lichtelijk geïnspireerd bleek te zijn op de beeltenis van Donald Duck, maar dan half abstract, en in Cobra-vrolijke kleuren. Maar die vrolijkheid zat er toch ook niet in, in deze afbeelding. Er straalde agressie uit. En dat bleek nu precies te zijn wat de wrijving bij de kijker moest oproepen. De inspiratie vanuit de Cobra kunstuitingen, Donald Duck erbij, en toch een agressief en gespannen beeld.



Het bleek ook wel dat dit werk (dat er 1 van een serie is) niet in het bijzonder het werk van Lupertz typeert. Lupertz' werk wordt vooral gekenmerkt door, los van wat hij maakt, de enorme hoeveelheid werken die hij produceert. Met daarbinnen dan nog een enorme verscheidenheid aan onderwerpen, afmetingen, kleuren en technieken. Bovendien beperkt hij zich niet tot schilderen alleen, hij is ook beeldhouwer. Wel op iets kleinere schaal, zijn belangrijkste discipline is schilderen.

Maar om Lupertz te roemen alleen vanwege de kwantiteit van zijn werk zou de plank wat misslaan. De man schijnt zich afgevraagd te hebben wat hij nu nog moest toevoegen aan de schilderkunst, toen hij begin 60-er jaren begon met schilderen. Alle -ismes waren al gepasseerd, alles was al gedaan. Hij is toen aan de slag gegaan met het grensvlak tussen de werkelijkheid en de abstracte kunst. En met name in landschappen zag hij de werkelijkheid overgaan in een abstractie. Overigens geldt het niet alleen voor zijn landschappen dat hij zich bewoog op grensvlak tussen figuratief en abstract. Voor het eerder genoemde Donald Duck voorbeeld geldt natuurlijk hetzelfde: Het is enerzijds een abstracte afbeelding die van het doek afspat in wijze van schilderen en kleurgebruik, maar je herkent ook een gezicht. En van dat gezicht zijn de losse elementen niet te benoemen, maar je ziet dat het heel goed om het gezicht van Donald Duck kan gaan. Mooi.

Heel apart voorbeeld van voorgaande uitgangspunten (maar in mijn ogen wat minder inspirerend) zijn de vele boomstammen die de man heeft geschilderd. Het Haag Gemeentemuseum heeft een dergelijk werk in zijn vaste collectie, en dan is het natuurlijk leuk om bij een overzichtstentoonstelling de kans te grijpen er een hele serie op te hangen. De boomstammen zijn geverfd met lijmverf, in tegenstelling tot veel van zijn latere werken, die in olieverf geschilderd zijn. Het grote verschil in effect is dat lijmverf een reliëfloos beeld oplevert, waar olieverf van nature reliëf laat zien. Het maakt de boomstammen alleen al daardoor iets 'vlakker', letterijk dus ook, vond ik.



Machtig mooi waren de studies (zie ook bijgaande foto) in houtskool voor de verschillende mens-achtige sculpturen die tentoongesteld werden. Schetsen om jaloers op te worden zo strak en artistiek. En dat zijn dan alleen maar studie-schetsen om te komen tot het eigenlijke kunstwerk... De eigenlijke kunstwerken, de sculpturen, vond ik overigens wel leuk, maar niet zo 'knallend mooi' als de schetsen.

Voor mij was het bezoek een waardige aftrap van mijn 'artistieke ontwikkeling'. Mijn bezoek aan de tentoonstelling was op 15 september, 2 dagen voordat de Vooropleiding Kunstacademie zou beginnen. Hoewel ik niet van alles onder de indruk was, vond ik de verscheidenheid, originaliteit en kracht van veel werken ongelofelijk inspirerend. Die ervaring maakten voor mij het bezoek meer dan waard.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten